zondag 14 september 2008

Praag

Zo ik ben gearriveerd in Praag. Na een buitengewoon saaie rit door het Duitse Saksen (?), een mooie rit door Tsjechische bergen, waar de hoeren, die aan beide zijden langs deze B-weg staan opgesteld, je ongeveer naar binnen sleuren, ben ik nu in het centrum van zonnig en dynamisch Praag. In een heerlijk hotel met een grote kamer, grote badkamer en internet (je zet je laptoppie neer en hup je bent erop, dat is overigens meer de verdienste van mijn computer dan van het hotel want ik moest wel eerst een dial up kabeltje halen). Volgens een bord in het hotel kost deze kamer 210 euro; ik betaal een fractie. Het kwijtraken van SAAB in een grote stad was wel even een (duur) probleem. Hier was de garage vol. Nu staat hij in de kelder bij Novotel een eindje verderop. Het is 40 jaar geleden dat de Russen Praag binnenvielen, een half jaar na de Praagse lente. Overal wordt dat herdacht. Het hotel ligt vlakbij het Wenceclasplein waar zich veel revolutionairs heeft afgespeeld en waar Jan Palach zich in brand heeft gestoken.

Ik ben bezig met een heerlijk boek, het debuut van John Irving ook uit 1968 "De beren los". Een citaat (de twee mannelijke hoofdpersonen bezoeken een dierentuin):

"Het Zeldzame Vogelverblijf maakte een hoop lawaai voor ons - allemaal kleine en grote dames met fantasiehoeden en gebarsten koorstemmetjes. De saai geklede condors zaten groot en oppermachtig op scheefgezakte zuilen of in wankel evenwicht op de gevallen buste van een Habsburgse grootheid. Ze hadden de sokkels van de standbeelden in beslag genomen en staarden vol wrok naar het gaas dat boven ze over de ruine was gespannen.(-) Aan de loefzijde van ons, plomp en verhit in hun tweepersoonskooi, zat een sterk geurend paartje Zeldzame Brilberen uit de Andes. Volgens het bijschrift hadden de beren een cartoon-uiterlijk. Ze keken alsof ze juist uit Ecuador waren weggelachen."

Ik ga nu maar wat eten in het hotel-restaurant. Ik hoop dat ze wat maat kennen. In Magdeburg, waar ik gisteren was, had ik wat kleins besteld. Eergisteren had ik me namelijk ongans gegeten aan de Duitse porties en de Nederlandse gewoonte je bord leeg te eten. Voor 7 euro hadden ze hier Mexicaanse wraps. Toen ze gebracht werden vervloog mijn hoop op een lichte maaltijd. Ik kon er niet overheen kijken. 3 wraps, kip, bonen, maiskolfjes, paprika enz. enz. Samen met wat garnituur salade vormden ze een gedegen avondmaaltijd voor een heel Nederlands gezin bestaand uit twee ouders, vijf kinderen en een inwonende oma. Ook in het begeleidende glas wijn (ik had een rot glas wein besteld maar wist dit nog op tijd te verbeteren in ein glas rotwein) kon je met gemak je handen wassen. Nu ja ik had een goed bodempje.

Vanuit mijn hotelraam op 3 hoog kijk ik naar de overkant. “Song Huang Nails’, ‘Tattoo DJ’s Bar’ en ‘Erotic City’ staat er op de gevels tegenover mij. Ik zit kennelijk in het zakendistrict van Praag. Strategisch op de stoep van Song Huang zit een meisje van 10, 11 jaar op een stoel naast een tafel met doos waarin wervende flyers. Als er iemand aan komt staat ze op en probeert de folder uit te venten. Dat is haar opgedragen en daarom zit ze hier. Maar ze hebben er niet bij verteld dat niet iedereen een grote nagelbeurt wenst. En dat ze heel makkelijk te herkennen zijn. Groot, kaal en stevig doorstappend. Of overall, peuk en baardstoppels. Of vier poten, ruw haar en een staart. Dochter Song is verzonken in haar eigen gedachtewereld en deelt flyers uit aan alles wat beweegt. Als de flyer niet wordt aangenomen legt ze hem terug, gaat zitten op haar stoel en zakt weer in haar droom terug.
‘Erotic City’ ligt beter in de markt. Al vanaf het moment dat ik deze kamer betrok, rond 3 uur in de middag melden zich mannen aan de ingang. Niet rijendik maar gestaag. De honger na het middagmaal blijkt groot. De dames op de foto’s in de etalage kijken zwoel en gespeeld verleidelijk in de camera. De lippen getuit, de borsten vooruit. Het werkt bij mij altijd op mijn lachspieren en denk terug aan mijn eerste bezoek aan een nachtclub, zo’n 40 jaar geleden.

Ik was klaar met mijn middelbare school en ging voor het eerst zonder ouders en met boezemvriend Engel op vakantie. Ons reisdoel was de Middellandse zee en meer omschreven het studentenvakantie complex van Sorbonne-universiteit in Cap d’Ail, een gehucht zo’n 5 kilometer ten westen van Monaco. In grote barakken met kamers met 4 stapelbedden werden we ondergebracht om overdag te luieren, ’s avonds samen te dineren en daarna in een amfitheather in de openlucht en met uitzicht op de donkere zee en links oplichtend Monaco en rechts knipperend Menton te genieten van live chansons, kamermuziek of ballet. Het effect was verpletterend. Je was achttien en je maakte kennis met de grote wereld, met de namen, de echte groten. Voordat ze naar het Jazz festival in Juan le Pins gingen of naar het pop festival van Nice, kwamen ze eerst hier oefenen voor de studenten van de Sorbonne en wat Nederlandse nitwits die toevallig via de NBBS, vakantiebureau voor studenten, hier verzeild waren geraakt. En we spraken met Jacques Dutronc, en met Francoise Hardy (“tous les garcons et les filles de mon age” was toen een dijk van een hit) bij wie we geïntroduceerd werden door de voorzitster van de Nederlandse Francoise Hardy fanclub die ook op het complex logeerde en met wie we veel optrokken, keken naar Ella Fitzgerald en Dizzy Gillespie. Kortom, we waren die kleinburgerlijke wereld uit Nederland ontvlucht en hoorden er nou bij. Nou ja. Een beetje. Aan de rand. Even.’s Nachts sliepen we weer in de barak en snorkte Engel dat het een lust was. Totdat ik in het onderste bed een trap gaf tegen de springveren van zijn bed, Engel omhoog schoot en beneden gekomen geluidloos verder sliep, totdat het geronk weer begon.
Na het concert gingen we naar Monaco. Soms lopend, vaak liftend. Dat liften lukte slecht, zodat we onze vriendinnen met een bloem achter het oor lieten opstellen aan de weg en wij ons verborgen achter de struiken. Als een auto stopte dan sprongen wij te voorschijn maar de reactie was steevast: ‘Ni les garcons, ni les garcons’’ en dan vertrokken Mireille en Marjon zonder ons. Een diepe relatie had zich in die week nog niet ontwikkeld. Meestal kwamen we ze later wel weer tegen in het nachtleven en soms ook niet. Zoals die keer dat we diep in de nacht in de nachtclub terecht kwamen. Het was vier uur in de ochtend en zelfs Monte Carlo is dan redelijk leeg op straat. We zochten een laatste pint en wilden dan via de zeeweg en een zwempartij naar huis wandelen. Vlak in de buurt van het ‘Hotel de Paris’ was een club die via een trap naar de kelder te bereiken was. Bij het afdalen keek je in een enorme spiegel die recht tegenover de ingang gehangen was. Ik had het recent in een James Bond film gezien en was behoorlijk geïmponeerd. Beneden was het leeg. Slechts 1 tafel was bezet door een man van middelbare leeftijd en een jonge vrouw. Biertjes kostten veel geld maar de show zat in de prijs.
Wij zaten ons duur betaalde biertje in spanning uit te zitten en toen het geprogrammeerde tijdstip daar was stond de jonge vrouw van het buurttafeltje op en verdween in de coulissen. We hadden het niet echt in de gaten, de drank zat in de man, maar 5 minuten later verscheen onze buurvrouw zowaar in netkousen en sexy corset op het toneel. De anticlimax was totaal. Onze sexgodin kwam van het tafeltje naast ons. De vamp uit het bovenaardse was bijna onze tafeldame. En toen ze liggend op de chaise longue tergend langzaam haar netkousen begon uit te trekken, kregen wij het zo zwaar te moede dat we slap van het lachen langzaam richting vloer verdwenen. Zo stopte onmiddellijk. De gordijnen gingen dicht en wij maakten dat we weg kwamen. Nahikkend van het lachen renden we naar de zeeweg. Toen we gezwommen hadden en de kleren weer aan hebben we de zonsopgang in zalige wetendheid afgewacht. Weer wat geleerd.

Geen opmerkingen: