Het was inmiddels 5.45 uur en een normaal mens zou weten dat de tijd nu toch echt begon te dringen. Maar ik niet, deze vroege ochtend. Ik liep naar vertrekhal 1 en ging weer in de rij staan, nu voor de TAP-balie met het bordje Faro. Een dromerig kwartiertje verder was ik aan de beurt. De dame accepteerde mijn paspoort, keek in haar monitor en greep naar de telefoon. Toen ze klaar was met het overleg keek ze me vriendelijk aan en zei: ‘De gate is dicht. U kunt niet meer aan boord. U kunt zich beter even melden bij de TAP-informatie-desk rechts om de hoek.’

De juffrouw van het informatiepunt ging meteen in de verdediging toen ik opmerkte dat de gate wel erg vroeg was dichtgegaan. ‘Een halfuur voor take off is volsterkt normaal’, sputterde ze, me boos aankijkend. Kennelijk nachtdienst gehad dus al die boze klanten zat. Ik sliep gezellig verder en vroeg wanneer de volgende vlucht vertrok. ‘12.35’, zei ze. Ze begon driftig op haar toetsenbord te rammen. Overboeken naar de volgende vlucht naar Lissabon kostte me €108,-, lichtte ze me voor. Want ook de vlucht van Lissabon naar Faro moest overgeboekt worden. ‘Okay’, riep ik. Ik had niet veel keus. Zij begon weer hevig te typen. ‘Schrijft u een romannetje?’ Ze ontdooide een beetje en produceerde een smal lachje. ‘Alles moet opnieuw ingegeven worden. Dat duurt even’.
Om 12.00 kwam ik het vliegtuig binnen dat al gevuld was met drukke Portugezen en een enkele Nederlander. Ik kreeg een stoel op de allerlaatste rij, maar wel aan het gangpad zoals ik gevraagd had. Naast me zat een zeer dikke Nederlander, die ze kennelijk in deze stoel gelepeld hadden. Hij zat volkomen vast. Recht overeind en doodzenuwachtig. Het was zijn eerste vliegreis. Samen met zijn forse dochter was hij ook onderweg naar Farao, zoals Cleopatra zei, waar buren op hen zouden wachten. Zij hadden daar een appartement gehuurd; de buren verbleven in een camper. De vlucht was minimaal een half uur vertraagd. En het vliegtuig nam ons allemaal mee.
Ik vroeg aan de stewardess of we op tijd zouden zijn voor onze volgende vlucht naar Faro om 15.30 uur. Dat we anders vast zouden zitten in Lissabon. Nou, dat wist ze natuurlijk niet. Maar ze hoopte van wel. Daar schoten we lekker mee op. Volgens mij leren ze deze antwoorden van hun crisis-manager. Gewoon met je klant meelullen, maar geen zekerheid bieden. Want dan kunnen ze claimen. En dat moet je natuurlijk voorkomen. Wat later kwam ik er achter dat in Portugal GMT-tijd gold. Dat gaf ons een uurtje respijt. 
Driekwartier voor de beoogde vertrektijd van de vlucht naar Faro werd de landing ingezet. Mijn buurvrouw aan de andere kant van het gangpad stelde voor dat we moesten vragen of we voorin het vliegtuig mochten zitten zodat we als eerste eruit konden. Er waren nog plaatsen in de businessklasse. Ik vroeg het aan de cabinedame, die op haar beurt telefonisch het hoger personeel benaderde. Het antwoord luidde dat de landing was ingezet en dat we op onze stoelen moesten blijven zitten. Vijftien minuten voor het beoogde vertrek naar Faro rolden we het vliegtuig uit Amsterdam uit. Eerst moesten we met een bus naar een andere terminal en toen we daar de hal kwamen binnenrennen, bleken we nog op tijd. Het was precies 15.30 uur maar de passagiers voor Faro waren nog niet opgehaald.
Twee uur later waren we nog niet opgehaald. We zaten met z’n drieën op de vloer met onze rug tegen de muur. Mijn buurman was de apathische rust zelve. Een uiterst vriendelijke man die alleen puffend zijn onvrede uitte. Ppppppfffffffffff. Met zweet op zijn voorhoofd. Hij wachtte telkens vol spanning als ik terugkwam met informatie, want hijzelf sprak geen woord over de grens. Die informatie was miniem. Ja, er was geen vliegtuig en ze wisten ook niet wanneer het kwam. Het vliegtuig was dus kennelijk zoek, concludeerden wij. Dat leek ons heel wel mogelijk in Portugal. ‘Passagier mist vliegtuig’ van vanmorgen kreeg hier een heel andere lading.
Al snel ontstond er een soort saamhorigheidsgevoel bij sommige passagiers. De dikke en zijn dochter bleven angstvallig dicht bij mij in de buurt. Verder waren daar twee Nederlandse homo’s, waarvan de ene zo rood aanliep dat we het ergste vreesden en zijn zwaar wit-gepolijste gebit nog prominenter uit zijn gezicht kwam, een Portugese man van mijn leeftijd met een rode houtje-touwtje-jas met capuchon aan, een oorbel in en een opgeruimd karakter en een Duitse vrouw van een jaar of veertig met vlassig donker haar en in bezit van een pronte dochter. Wij gingen om beurt op zoek naar informatie.
De gemoederen bij een paar Portugezen liepen hoog op. Een keurige zakenman, in zwart krijtjesstreep pak en diplomatenkoffer, was zo razend dat hij hardop voor zich uit zat te schelden en te blazen. Plotseling verscheen de politie ten tonele om het mokkende volk tot achter de afzetting te irigeren.
Toen kwam er nieuws. Er was een staking van cabinepersoneel. Daarom kwam het vliegtuig niet. Alleen onze vlucht. Men deelde foldertjes uit met de wervende tekst ‘YOUR RIGHTS AND WHERE TO COMPLAIN’. Hadden ze kennelijk nog liggen van een eerder oponthoud.. Over cancellation van de vlu
cht wordt in de flyer opgemerkt: ‘Financial compensation is due unless ……… the airline can prove that the cancellation was caused by extraordinary circumstances.’ Handig. Een staking leek mij extraordinary. Maar dat was van later zorg.
‘Er komen bussen’, zong het rond, ‘die ons vanavond nog naar Faro brengen.’ Waar en wanneer wist niemand. Eén passagier gaf het op. Hij pakte samen met zijn zoon de trein en ging rechtstreeks naar Faro. Het idee trok mij ook maar ik had de dikke en zijn dochter op sleeptouw, bovendien had ik mijn bagage nog niet terug.

Een half uur later draaide de belt en spuwde mijn koffer uit. We verdeelden de taken. Ik ging op zoek naar informatie en mijn twee landgenoten bewaakten de bagage. Ik liep naar tourist-information en die verwees door naar de douane (we stonden inmiddels buiten de douane en mochten niet terug naar de groep), en die naar de politie, en dan naar de TAP-desk en de Groundforce. Dat bleek de juiste club te zijn. Ik rende terug naar de hal om mijn partners te halen. Ik zag hem nog net met mijn bagagekar naar buiten lopen. Ik dacht: ‘Dit overkomt mij niet.’ Hij keek om, zag mij en zwaaide. ‘Kom op. De bussen zijn er’. Drie-en-eenhalf uur later waren we op Faro-airport. Ik besloot mijn huurauto op te halen maar niet op zoek te gaan naar het appartementencomplex een uur verderop. Ik boekte een kamer in het Ibis-hotel.
Krijtrotsen bij Rocha Brava
Idem
Uitzicht vanaf Moors kasteel in Silves

Geen opmerkingen:
Een reactie posten